Mario Vargas Llosa: Het ongrijpbare meisje (boekbespreking april 2009)

Biografie

 Mario Vargas Llosa (Arequipa, 28 maart 1936) is een Peruviaans schrijver. Zijn eerste levensjaren bracht hij door in Bolivië. In 1945 keert hij terug naar Peru, waar hij eindelijk zijn vader leert kennen. In 1958 studeert hij af als licentiaat literatuur. Hij krijgt een studiebeurs voor Madrid. Kort daarna vestigt hij zich in Parijs, waar hij tot 1974 blijft.

Hij wordt beschouwd als van de leidende denkers en schrijvers van Latijns-Amerika.

Vargas Llosa schrijft maatschappelijk betrokken romans in een vernieuwende stijl. Het leven wordt beschreven als een nooit aflatende strijd om het bestaan. In het werk van de Peruviaan spelen vaak geweldsfiguren een rol, met name militairen. Verder schrijft hij toneelstukken en essays, en is journalist en literair criticus. Hij is al jaren een belangrijke kandidaat voor de Nobelprijs.

 Als goed Zuid-Amerikaans intellectueel heeft hij altijd belangstelling voor politiek gehad. Via kranten mengde hij zich geregeld in het maatschappelijk debat en in 1987 stelde hij zich zelfs, met een sterk liberaal programma, kandidaat voor het presidentschap van zijn land.

Hij verloor de verkiezingen onverwacht van Alberto Fujimori. In het autobiografische boek De vis in het water heeft Vargas LLosa hierover geschreven.

Begin februari 2003 benoemde de KU Leuven de beroemde Peruviaanse romancier en ex-politicus Mario Vargas Llosa tot eredoctor.

Ondertussen is Vargas Llosa tot Spanjaard genaturaliseerd, en ook hier mengt hij zich geregeld in het politiek debat. Vorige maand nog liet hij zich positief uit over de Italiaanse Berlusconi. In een interview met de Corriere della Serra noemt hij hem “een democratische caudillo”, begiftigd met een “buitengewoon politiek instinct”. Caudillo was onder meer de bijnaam van de fascistische Spaanse generaal Franco. Berlusconi zou “een clown zijn met een bijzonder politiek instinct”.

 Noot: Hoewel hij als student een groot bewonderaar was van Marquez en ze tot in de jaren 70 zeer goede vrienden waren, is er ooit een vechtpartij in Mexico-city geweest (Museum Schone Kunsten? Cinema? Omwille van de politiek? Omwille van Marquez’ avances voor Llosa’s vrouw? De reden in onduidelijk). Ondertussen, in 2007, hebben beiden het bijgelegd…)

Bibliografie (een greep uit…)

 1959: De jonge honden van Miraflores

1963: De stad en de honden

1966: Het groene huis

1969: Gesprek in de kathedraal (nu pas herdrukt!)

1973: Pantaléon

1975: De eeuwigdurende orgie: studie over Flaubert!

1977: Tante Julia en meneer de schrijver

1981: De oorlog aan het einde van de wereld

1986: Wie heeft Palomino Molero vermoord?

1988: Lof van de stiefmoeder

1996: Het feest van de bok

2003: Het paradijs om de hoek

2006: Het ongrijpbare meisje

2009: Gesprek in de kathedraal

 

 

Personages:

 

Ricardo Somocurcio

Het stoute meisje, alias Lily in Lima (jaren 50)

                               Kameraad Arlette in Parijs (jaren 60)

                               Ana in Parijs

                               Vrouw van een rijke Engelse renpaardenfokker (jaren 70)

                               Minnaar van een louche Japanse sadist. (Tokio, Madrid jaren 80)

Vul aan:

 

 

 

Over “Het ongrijpbare meisje”

 

Als veel van de boeken van Mario Vargas Llosa is Het ongrijpbare meisje een mengeling van ‘herinnering en fantasie’. Zijn romans bevatten vaak een flinke dosis autobiografie, zie Tante Julia en meneer de schrijver. De constructie van Het ongrijpbare meisje biedt hem de mogelijkheid steden en tijden die zo belangrijk zijn geweest in zijn eigen leven, te portretteren. Het Parijs van de jaren zestig, dat het walhalla was van alle linkse jongeren in Latijns Amerika, het swingende Londen van begin jaren zeventig, het Madrid van de immigranten van de jaren tachtig. Altijd een plezier om te lezen, want, zoals gezegd, Vargas Llosa is een begaafd verteller die hier de politiek-maatschappelijke ontwikkelingen van de tweede helft van de 20ste eeuw kundig door zijn verhaal vlecht.

 

Vargas Llosa weet als de besten een verhaal te construeren, een roman in elkaar te zetten (een nadeel is dat je dat er soms letterlijk van af ziet, dat het iets kunstmatigs krijgt). In veel van zijn boeken experimenteert hij nadrukkelijk met de vorm, ze zijn vol perspectiefwisselingen en gehussel met de tijd. Deze keer vertelt hij zijn verhaal zowaar lineair en zonder al die technische capriolen. ‘Om de lezer te verleiden’, zegt hij zelf, heeft hij met Het ongrijpbare meisje een lekker leesboek willen schrijven.

 

Een goed verteller is altijd en in de eerste plaats een zorgvuldig lezer, schreef Mario Vargas Llosa een eeuwigheid geleden al. Zijn leven lang heft hij geprobeerd te laten zien dat hij beide is, en met success. De enorme hoeveelheid romans van de Peruaan is het werk van een eminent verteller, en in zijn even talloze essays over literatuur betoont hij zich een gedreven lezer en criticus. Bovendien heeft hij nooit enige twijfel laten bestaan over wat in zijn ogen de roman bij uitstek is: de 19de-eeuwse Franse roman. Schrijvers als Gustave Flaubert en Victor Hugo zijn de literaire goden van Vargas Llosa, de mannen die het genre pas echt hebben uitgevonden en die eigenlijk nooit meer zijn overtroffen. Vooral de laatste jaren wordt hij niet moe deze overtuiging te herhalen, en nu, met zijn zeventigste verjaardag net achter de rug, doet hij zelfs een drieste poging het model van zijn meesters zelf in praktijk te brengen. (Volkskrant 23 juni 2006)

 

 

Boekbespreking in De Standaard der Letteren (16 juni 2006, Ilse Logie)

 

Meneer Bovary

Liefde en Llosa
Proza — Mario Vargas Llosa is uitstekend op dreef in zijn nieuwste roman. Met Het ongrijpbare meisje bewijst hij nog maar eens dat hij een groot romancier is.

 

DE Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa, auteur van klassiekers als De stad en de honden en Het groene huis is, op zijn zeventigste, nog lang niet uitgeteld. Dat bewijzen de twee delen Obras Completas die zopas zijn verschenen, een op stapel staand toneelstuk en de indrukwekkende rijen belangstellenden tijdens de Madrileense Feria del Libro voor zijn splinternieuwe roman Het ongrijpbare meisje . Hoewel Vargas Llosa menig uitstapje naar andere genres zoals het essay, de journalistiek of het theater heeft gemaakt, levert hij met deze tragikomische vertelling weer eens het bewijs dat hij in de eerste plaats een rasechte romancier is. Het best is hij op dreef wanneer hij zijn verbeelding de vrije loop laat in boeken doorspekt met autobiografische elementen. Vargas Llosa situeert zijn romans het liefst tegen een politieke achtergrond en richt zijn pijlen graag op het wanbeleid in zijn geboorteland.In zijn imposante oeuvre kom je twee hoofdthema’s telkens weer tegen: enerzijds de onuitroeibare, maar tot mislukken gedoemde, want in tirannie ontaardende hang van de mens naar een collectieve utopie, een thema dat aan bod komt in beklijvende romans als De oorlog van het einde van de wereld en Het feest van de Bok ; anderzijds het onontwarbare kluwen van liefde en passie. Bij dit motief, waarover de auteur doorgaans schrijft op een badinerende toon, knoopt Het ongrijpbare meisje aan. Vargas Llosa beweert dat het de eerste keer is dat hij een roman integraal en ongeremd aan de liefde wijdt. Het onderwerp is immers zo complex, kent zoveel uiteenlopende, hoogstpersoonlijke verschijningsvormen en wordt zozeer omgeven door romantische mythes dat het schrijven van een eigentijdse liefdesroman een hachelijke onderneming is. Toch vertoont Het ongrijpbare meisje gelijkenissen met eerder werk, vooral met het erotische tweeluik Lof van de stiefmoeder (1988) / Geheime notities van Don Rigoberto (1997), waarin lust de boventoon voert, en met het onweerstaanbaar melodramatische Tante Julia en meneer de schrijver (1977), dat een gelijkaardige feuilletonachtige structuur heeft.
VOLGENS beproefd Vargas Llosa-recept bestaat Het ongrijpbare meisje uit een vakkundig gedoseerde mengeling van werkelijkheid en fantasie. Ook nu benadrukt hij dat de grens tussen beide niet eenvoudig te trekken valt. Er overkomen de mens nu eenmaal dingen die hij in zijn stoutste dromen niet voor mogelijk hield. Een loopje nemen met de wetten der waarschijnlijkheid laat een auteur dan ook toe om dieper tot de condition humaine door te dringen. Dat geldt bij uitstek voor dit boek, waarin zich de meest bizarre gebeurtenissen voordoen. Waarheid en leugen dus. ‘Waar’ zijn hier de steden waarin het hoofdpersonage verblijft. Vargas Llosa groeide zelf op in de van de buitenwereld afgeschermde middenklasse-wijk Miraflores in Lima, bracht een groot deel van de jaren zestig door in het turbulente Parijs, verbleef in het onconventionele, hedonistische Londen van de jaren zeventig, en was in de jaren tachtig in Madrid (waar hij nog steeds woont) getuige van de transición , de vreedzame, maar bruisende overgang van het franquisme naar de democratie. ‘Bedacht’ zijn de hoofdpersonages, Ricardo Somocurcio, vertaler/tolk bij de Unesco, en zijn enige grote liefde, het ,,ongrijpbare meisje”, van wie hij pas aan het eind van zijn leven te weten komt dat ze eigenlijk Otilia heette. Door het parcours dat hij aflegt, lijkt Ricardo met zijn schepper verwant, maar als bezadigde ambtenaar is hij dat allerminst. Zijn ambities hebben nooit verder gereikt dan het vinden van een baan in het destijds door Latijns-Amerikaanse kunstenaars verafgode Parijs. Alleen dat ‘stoute meisje’, dat veertig jaar lang op de meest onverwachte momenten in zijn leven opduikt om het grondig overhoop te halen, kan die routine abrupt doorbreken. Want hoe Ricardo zich ook voorneemt haar uit zijn hoofd te zetten, het lukt hem nimmer. Wanneer ze samen zijn, ontstijgt Ricardo zijn dagelijkse routine en verandert hij op slag in de argeloze schooljongen die hij was toen hij haar in Lima leerde kennen en zich onweerstaanbaar tot haar aangetrokken voelde. Een heuse kameleon, die ‘Lily’. Alles heeft ze ervoor over om zich aan haar straatarme sloppenwijk te ontworstelen; al haar vrouwelijke troeven speelt ze ongegeneerd uit. Wanneer na het welslagen van de Cubaanse Revolutie de Latijns-Amerikaanse guerrillero’s in Parijs worden klaargestoomd om de strijd uit te dragen, vliegt ze prompt naar de Lichtstad, dit keer als ,,kameraad Arlette”, ook al kan het marxisme-leninisme haar gestolen worden. Ze treedt er in het huwelijk met een Franse diplomaat en plundert zijn bankrekening. Herboren als Mrs. Richardson veinst ze belangstelling voor het fokken van renpaarden om zo opgenomen te worden in de Britse High Society. In Japan ondergaat ze een volgende metamorfose door de minnares te worden van een masochistische onderwereldfiguur. Haar identiteitsveranderingen draaien geregeld faliekant uit en ze loopt onuitwisbare trauma’s op. Dan gaat ze steevast bij Ricardo uithuilen, maar ze houdt het weinig opwindende leventje met hem nooit lang vol. Keer op keer laat Ricardo zich door haar op sleeptouw nemen en stort hij zich in die onpeilbare afgrond die passie heet. Ze brengt hem op de rand van zelfmoord, maar houdt zijn leven spannend. Een mens kan blijkbaar weinig beginnen tegen de krachten waaraan hij onderhevig is. De enige vrijheid die hij heeft, is dat hij zijn eigen slavernij kan kiezen.

Het ongrijpbare meisje is een buitensporig, onberekenbaar, opportunistisch en van ieder greintje redelijkheid gespeend personage, dat door Vargas Llosa met een zekere sympathie wordt bejegend omdat ze zich niet bij haar lot neerlegt, maar het met lef in eigen handen neemt, ook al is de manier waarop bedenkelijk. De zeven hoofdstukken van de roman lezen als de afleveringen van een feuilleton zodra het stormachtige, pathetische, maar ontwapenende meisje ten tonele verschijnt. Telkens weer worden andere knotsgekke of afgrijselijke avonturen uit de doeken gedaan, scheert het meisje hoge toppen, loopt de spanning op, en kan Ricardo de kastanjes uit het vuur halen als haar bedrog weer eens aan het licht komt.

NIET alleen het universele thema van de liefde, ook de historische achtergrond doet de roman boven het anekdotische uitstijgen. Bij monde van Ricardo krijgt de lezer vijftig jaar geschiedenis van het Westen geserveerd, gezien door de gedesillusioneerde ogen van de van communisme naar liberalisme geëvolueerde Vargas Llosa. De plekken die het decor van de roman vormen – de Parijse Rive Gauche, het Londense Earl’s Court, het Madrileense Lavapiés, tijdens opeenvolgende tijdsgewrichten – komen goed uit de verf, al worden sommige passages ontsierd door voorspelbare uithalen naar het poststructuralisme of naar utopisch links.

Een aantal personages die Ricardo’s pad kruisen worden door Vargas Llosa dan weer menselijk en mild geportretteerd. Het lijkt paradoxaal dat, ondanks de afkeer van de schrijver voor elke vorm van fanatisme, juist diegenen die hun leven in dienst stellen van een ideaal de meeste genegenheid bij de lezer opwekken, ook al delven ze bijna systematisch het onderspit: de revolutionair Paúl in Parijs, de homoseksuele hippie Juan Baretto in Londen, de polyglot Salomón Toledano die in de netten van de liefde verstrikt raakt, of het Belgisch-Venezolaanse echtpaar Gravoski, dat zich aan de opvoeding van hun gehandicapt gewaande adoptiezoon Yalil wijdt. Stuk voor stuk zijn het vaten vol tegenstrijdigheden, en daarom worden ze ons dierbaar.

Ricardo fungeert als verteller, en doet zijn verhaal in chronologische volgorde, sober, helder en rechttoe-rechtaan, zonder ingewikkelde narratologische hoogstandjes. Zijn zelfspot en scepsis houden het relaas verteerbaar. Het ongrijpbare meisje is een knappe, vaardig geschreven en gecomponeerde, nu eens ontroerende en dan weer hilarische roman. Het is ook een ode aan de literatuur. Otilia waant zich een romanheldin en regisseert haar eigen leven door het bij elkaar te verzinnen, terwijl Ricardo zich laaft aan de grote Russische romanciers en aan de ontnuchterende Flaubert, op wiens Madame Bovary of L’éducation sentimentale zijn eigen geschiedenis verdacht veel lijkt. Onwillekeurig dringt ook de vergelijking zich op tussen deze nostalgische, zich van zijn middelmatigheid bewuste hoofdfiguur, die in het grillige meisje Otilia tegen beter weten in zijn Dulcinea meende te hebben gevonden, en de onsterfelijke Don Quichot.
 

 

 

 

 

 

 

Over Ann Vandamme

begeleidde al leesgroepen toen zij nog geen website had. Sinds 2007 plaatst zij alle leesgroepwerkbladen op het net. Ondertussen vist zij regelmatig werkbladen op uit haar papieren archief en zet die ook online. Vroeger werkte zij in een boekhandel, later in een uitgeverij en sinds 2014 is zij bibliothecaris van Pepingen, in het hart van het Pajottenland. De bibliotheken van de regio Pajottenland en Zennevallei werken nauw samen, en ook de verschillende leesclubs organiseren vaak een gemeenschappelijk evenement. Het logische gevolg is dat al deze leesclubs ook op deze blog een plaats krijgen. Veel leesplezier!
Dit bericht is geplaatst in Bibliotheken met de tags , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *