Gie Bogaert: Noora’s dwaling

nooranoora 2Noora’s dwaling van Gie Bogaert (°Antwerpen) gaat over de jonge moeder Noora Berger die, op de dag wanneer ze haar zoontje verliest, ook haar geheugen kwijt raakt. Artsen wijten haar geheugenverlies aan een fugue, een zelfbeschermende reactie op een traumatische ervaring. Een deel van de therapie bestaat er uit haar haar geheugen terug te geven. In het verhaal van Noora doen haar naasten (ouders, echtgenoot, dochter, vriendin, …) dat door het schrijven van brieven.

Het boek leest als een trage thriller. Deze twee woorden spreken elkaar eigenlijk tegen, en toch zijn dat precies de woorden die ik aan de roman wil geven: “een trage thriller”. Traag, omdat je elk woord moet proeven zoals in een gedicht. Maar toch ook een thriller, want er zit een spannend element in het verhaal. Hoofdstuk na hoofdstuk, of zo je wil brief na brief, worden er geheimen prijs gegeven die uiteindelijk een antwoord geven op de vraag: “Waar was Noora op het moment dat haar zoontje stierf?” Daarbij is het griezelig om een afwezig hoofdpersonage te hebben dat haar naasten, zelfs haar dochter, niet herkent en dat heel haar verleden gedeleted heeft. Bovendien geven de brieven een hoe langer hoe tragischer beeld van Noora. Heel beklijvend. En zoals reeds gezegd, heel mooi geschreven.

Gie Bogaert is een estheet. De familieleden van Noora geeft hij allemaal een beroep in de wereld van kunst en letteren. Haar vader is conservator van een museum. Haar moeder werkt in een bibliotheek. Haar grootvader was professor filosofie. Haar man is nieuwslezer. Zelf is/was ze fotografe. In de brieven wordt dan ook vaak verwezen naar schrijvers (Atwood, Claudel), naar schilderijen (Marcel Maeyer, Tuymans), naar fotografie (Bruno Barbey, Sarah Moon). De familie woonde in een groot huis in de Goedehoopstraat, tussen de Riemstraat en de Sint-Michielskaai. M.a.w. we hebben hier met een gegoede intellectuele Antwerpse familie te maken. De stad Antwerpen is trouwens prominent aanwezig in het verhaal. Alles is nauwkeurig uitgetekend.

Op de omslag van het verhaal staat het portret van een vrouw van wie het aangezicht deels gewist is door een wit vierkant. Het doet me denken aan de witte vierkanten van Roger Raveel, die deze week gestorven is. Witte leegten, gaten in het geheel. Wie zal het gat vullen dat Noora in zichzelf gegraven heeft? Aan haar naasten dus om haar de dingen te vertellen die ze vergeten is. Onthutsend, maar waarschijnlijk typisch, is dat in de brieven ook veel onthullingen gedaan worden. Zo van die dingen “die zogezegd ooit wel eens opgebiecht zouden worden” Er worden geheimen verklapt die Noora waarschijnlijk liever niet wil weten. Maar voor Noora maakt het (voorlopig?) toch niets uit.

Via de brieven krijgen we uiteindelijk een mooi psychologisch portret van een vrouw die veel droomde, die veel met haar hoofd in de wolken was. Een vrouw die geen afscheid kon nemen. Een vrouw die moeilijk keuzes kon maken. Een vrouw die het leven liet zoals het was en wachtte tot die ene droom in vervulling zou gaan. En zelfs al is Noora met haar fugue een onbereikbaar hoofdpersonage, toch heeft dit boek iets heel intiems. Het komt waarschijnlijk door de brieven. Als lezer lees/leef je mee. En dat is een fijne ervaring.

Over Ann Vandamme

begeleidde al leesgroepen toen zij nog geen website had. Sinds 2007 plaatst zij alle leesgroepwerkbladen op het net. Ondertussen vist zij regelmatig werkbladen op uit haar papieren archief en zet die ook online.
Vroeger werkte zij in een boekhandel, later in een uitgeverij en sinds 2014 is zij bibliothecaris van Pepingen, in het hart van het Pajottenland. De bibliotheken van de regio Pajottenland en Zennevallei werken nauw samen, en ook de verschillende leesclubs organiseren vaak een gemeenschappelijk evenement. Het logische gevolg is dat al deze leesclubs ook op deze blog een plaats krijgen. Veel leesplezier!

Dit bericht is geplaatst in Bibliotheken met de tags , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *