Gabriel Garcia Marquez: De kolonel krijgt nooit post (werkbladen leesgroep juni 2014)

kolonel
A.Biografie:
Marquez (°1928) was de zoon van een telegrafist en een kolonelsdochter. Hij bracht zijn jeugdjaren door bij zijn grootouders in Aracataca, een kustdorpje in het noorden van Colombia. Deze plaats staat onmiskenbaar model voor het Macondo dat herhaaldelijk in zijn werk ter sprake komt. Zijn grootmoeder speelde een belangrijke rol in zijn (fantasie-)leven. Over haar zegt hij: “Zij slaagde erin om van de doodgewoonste alledaaglijkse dingen iets wonderbaars te maken”.

In 1947 trok hij naar de hoofdstad Bogota om er rechten te studeren, maar na een jaar keerde hij terug naar de Colombiaanse noordkust, waar een minder repressief klimaat heerste. Daar begon hij zijn journalistieke loopbaan en schreef er zijn eerste romans en verhalen. Hij trouwde er ook met Mercedes Barcha met wie hij twee zonen kreeg.
Het paar verhuisde later naar Cuba waar hij een levenslange vriendschap met Fidel Castro aanknoopte. In 1961 verhuisde hij naar New York als correspondent voor Castro’s persbureau Prensa Latina. Door voordurende bedreigingen van de CIA en Cubaanse vluchtelingen verhuisde hij naar Mexico-Stad, waarna hem de toegang tot de VS tot 1971 werd ontzegd. In 1982 ontving hij de Nobelprijs voor de Literatuur.
In 2012 werd bekend dat Marquez aan dementie leed en geen nieuw werk meer zou publiceren. Hij overleed op 87-jarige leeftijd in 2014. Op 17 april 2014 overleed Márquez op 87-jarige leeftijd.

B.Bibliografie: keuze uit zijn romans/novelles/verhalenbundels

1955:Afval en dorre bladeren
1961: De kolonel krijgt nooit post
1962: De uitvaart van Mama Grande
1967Honderd jaar eenzaamheid
1975: De herfst van de patriarch
1981: Kroniek van een aangekondigde dood
1985: Liefde in tijden van cholera
2002: Leven om het te vertellen
2004: Herinnering aan mijn droeve hoeren

Daarnaast leverde hij ook journalistiek werk en schreef hij filmscenario’s. Hij stichtte trouwens in Cuba een eigen filmschool.

C.Personages:

Kolonel en zijn vrouw
Zoon Agustin
Don Sabas, peetoom van Agustin, en zijn vrouw
De dokter
Pater Angel
De burgemeester
Moises, de Syriër
Vrienden van hun soon

D.Historische achtergrond:

Enkele liberale generaals begonnen op 20 oktober 1899 een oorlog tegen de conservatieve regering die 1000 dagen zou duren. Deze bloedige burgeroorlog waarbij 100.000 mensen het leven lieten, kwam op 24 oktober 1902 ten einde toen op de Hacienda Neerlandia de liberale generaal Rafael Uribe Uribe zich overgaf. Op 21 november werd het Amerikaanse marineschip de Wisconsin een vredesverdrag getekend.
Op 9 april 1948 werd in de Colombiaanse hoofdstad Bogota de populaire liberale leider Gaitan vermoord. Er brak een volksopstand uit die zich over het hele land uitbreidde, bijna 10 jaar zou duren en aan enkele honderdduizenden Colombianen het leven kostte. Deze periode zou de geschiedenis ingaan als La Violencia.
In 1958 kwam er een politiek akkoord, dat inhield dat Conservatieven en Liberalen afwisselende regeringsverantwoordelijkheid zouden gaan dragen en die bovendien onderling zouden delen.

E.Enkele vragen:

Waar speelt dit verhaal zich af? In welk jaar? In welke maand?
Het echtpaar is in de rouw. Waarom? Hoe merk je dat?
Het dorp bevindt zich in een staat van beleg. Waaraan merk je dat?
Beschrijf de kolonel en zijn vrouw.
Hoe komt het dan Don Sabas de peetoom van Agustin is?
Op de eerste bladzijde wordt de lezer al met de dood geconfronteerd. Hoe?
Soms rakelen de personages historische feiten en namen op, zoals dat van kolonel Areliano Buendia. Wie zijn ze?
Agustin is dood. Toch wordt op twee plaatsen in het verhaal gezegd: “Agustin heeft geschreven” (p.41; p.65) Verklaar.
Hoe verloopt de tijd in het verhaal?
Waarom is de vechthaan zo belangrijk?
Geeft Marquez een boodschap weer? Zo ja, welk?
Verklaar het allerlaatste woord in het verhaal, nl. “Stront!”
Marquez is vooral bekend als de auteur van het magisch-realisme. Vind je dat ook terug in deze roman?

F.Een interessant artikel van Ilse Logie bij het overlijden van Marquez (De Standaard 18/4/2014)

De verdienste van García Márquez is niet gering. ‘Zijn meesterschap is onnavolgbaar. Hij heeft de literatuur van zijn continent grondig vernieuwd en daardoor internationaal op de kaart heeft gezet.’
De Colombiaan Gabriel García Márquez is zonder twijfel de bekendste Latijns-Amerikaanse schrijver van de tweede helft van de twintigste eeuw. Samen met collega’s als Mario Vargas Llosa, Julio Cortázar en Carlos Fuentes leidde hij de literatuur van zijn continent tot een ongeziene bloeiperiode, ook wel de Latijns-Amerikaanse boom genoemd.
Al valt er flink wat af te dingen op dit verschijnsel, dat in grote mate door de Barcelonese uitgeverij Seix Barral werd gestuurd en dat aanvankelijk ander baanbrekend proza van een vorige generatie – Borges, Onetti, Rulfo, Carpentier – in de schaduw stelde. Feit is dat er in het buitenland nooit eerder zoveel belangstelling was geweest voor de Latijns-Amerikaanse literatuur. Bovendien was het oeuvre van deze schrijvers ontegensprekelijk van hoge kwaliteit, zodat het sindsdien deel is gaan uitmaken van de westerse canon.
Exponent van het magisch realisme
De voornaamste verdienste van de boom-auteurs was dat zij afstand namen van het traditionele en provincialistische criollismo, een variant van de Heimat-roman. Door hun kosmopolitisme, hun fenomenale belezenheid en hun verbluffend vakmanschap waren zij in staat de werkelijkheid te transformeren tot romanconstructies waarin verbeelding en verrassende vertelperspectieven de boventoon voerden.
García Márquez wordt tevens gezien als de belangrijkste exponent van het magisch realisme, en zijn roman Honderd jaar eenzaamheid is zowat synoniem geworden voor deze stroming, die overigens al vóór hem in Latijns-Amerika werd geïntroduceerd.
De term slaat op de vermenging van realisme met wonderlijke gebeurtenissen, die door de auteur worden verteld alsof ze de normaalste zaak van de wereld zijn. Maar over de inhoud van het concept ‘magisch-realisme’ bestaat onder kenners geen consensus. Is het eigenlijk wel een stroming? Márquez zelf heeft dat altijd betwist. In zijn rede bij de aanvaarding van de Nobelprijs (1982) beklemtoonde hij dat iedere letter die hij had geschreven op werkelijkheid berustte. Alleen namen inwoners van het Caribisch gebied zoals hij (want hij was bij uitstek een kind van de Cariben), en, bij uitbreiding, de meeste Latijns-Amerikanen die op een andere manier waar dan de cartesiaanse Europeanen.
Het Márquez-model
Wanneer Remedios de Schone in Honderd jaar eenzaamheid tijdens het ophangen van de lakens ten hemel stijgt, wekt dat in het dorp Macondo dan ook nauwelijks verbazing, omdat het irrationele er erkend wordt als een wezenlijk onderdeel van het dagelijks leven. Volgens deze interpretatie is magisch realisme dus veeleer een soort effect van de confrontatie tussen verschillende manieren om met de werkelijkheid om te gaan. Honderd jaar eenzaamheid kan bijgevolg ook gelezen worden als een allegorie op de problematische plaats die Latijns-Amerika inneemt ten opzichte van het dominante Noorden.
Het Márquez-model sloeg aan, en hoe. Helaas hebben de gemakzucht van de literaire kritiek en de marketing er een karikatuur van gemaakt, zodat het opzet van de boom-schrijvers om hun continent te emanciperen niet helemaal is gelukt. Kennelijk had het Europese publiek deze exotische constructie nodig als compensatie voor het eigen grijze bestaan. En zo kwam het dat Latijns-Amerika in de jaren 80 en 90 gelijkgesteld werd met een artificieel soort authenticiteit.
Dit werd nog in de hand gewerkt doordat heel wat auteurs op de succesvolle kar van het magisch realisme sprongen. Maar Márquez’ verteltechnische en stilistische meesterschap is onnavolgbaar. Een onbeduidend voorval tot epische proporties uitvergroten, of andersom, een absurde situatie als vanzelfsprekend neerzetten: velen hebben het geprobeerd, maar zijn blijven steken in epigonisme. Toen in 1982 Het huis met de geestenvan Isabel Allende (foto, credit: ap) verscheen, leek het alsof Márquez school had gemaakt. Allende’s debuut, een familiekroniek met mythische aspiraties die wemelt van de wonderbaarlijke gebeurtenissen, is immers in niet geringe mate schatplichtig aan Honderd jaar eenzaamheid. Alleen overstijgen de geesten, vliegende wezens en behekste voorwerpen bij tweederangs auteurs als Allende, Esquivel of Mastretta zelden het anekdotische niveau.
Vernieuwde buitenlandse belangstelling
Halfweg de jaren ’90 hadden jongere generaties schrijvers schoon genoeg van dat keurslijf. Ze schreven manifesten als McOndo of Crack om er definitief mee af te rekenen. Ze betoogden dat Latijns-Amerika Macondo achter zich had gelaten, en dat andere bekommernissen intussen centraal stonden. Hun realiteit was er een van uit hun voegen barstende steden, van wild om zich heen grijpende globalisering en nieuwe media, waarbij vooral de VS de toon aangaven. Om die weer te geven waren andere procedés en invalshoeken nodig dan die van het magisch realisme.
Intussen is deze bladzijde omgeslagen en is men er zich in het buitenland van bewust dat de complexe, rijk geschakeerde Latijns-Amerikaanse realiteit van vandaag niet onder één noemer te vangen is. De belangstelling is de laatste jaren weer toegenomen, wat onder meer blijkt uit het nummer dat het Britse tijdschrift Granta in 2010 wijdde aan jonge Spaanstalige auteurs en uit de stijging van het aantal vertalingen. Het beeld dat hieruit ontstaat is er een van grote verscheidenheid, waaruit geen echte tendensen kunnen worden afgeleid. Rauw realisme, visionaire vertellingen of intieme autofictie, ze bestaan naast elkaar in het werk van zulke uiteenlopende schrijvers als Alejandro Zambra, Samantha Schweblin, Antonio Ungar, Horacio Castellanos Moya of Ena Lucía Portela.
Schatplichtig aan de leermeester
Nu het magisch realisme irrelevant is geworden, kan de enorme schatplichtigheid aan leermeester Márquez volop worden erkend. Want hem vastpinnen op die vastgeroeste beeldvorming is hem onrecht aandoen, hij was immers zoveel meer. Van bij het prille begin van zijn carrière was de schrijver ook actief als journalist en schreef hij reportages. De door hem opgerichte Stichting voor Nieuwe Journalistiek heeft nieuwe impulsen gegeven aan het genre van de kroniek, dat momenteel een grote bloei kent in de Spaanstalige landen. Naast de exuberante, barokke Márquez van Honderd jaar eenzaamheid was er bovendien van meet af aan ook de beheerste, laconieke, elliptische Márquez, die een kleinood als De kolonel krijgt nooit post heeft voortgebracht. En vergeten we ook niet hoe politiek geëngageerd hij altijd is geweest, als gepassioneerd pleitbezorger van links in Latijns-Amerika. Maar zijn belangrijkste verdienste is zonder twijfel dat hij de literatuur van zijn continent grondig heeft vernieuwd en daardoor internationaal op de kaart heeft gezet.

Over Ann Vandamme

begeleidde al leesgroepen toen zij nog geen website had. Sinds 2007 plaatst zij alle leesgroepwerkbladen op het net. Ondertussen vist zij regelmatig werkbladen op uit haar papieren archief en zet die ook online.
Vroeger werkte zij in een boekhandel, later in een uitgeverij en sinds 2014 is zij bibliothecaris van Pepingen, in het hart van het Pajottenland. De bibliotheken van de regio Pajottenland en Zennevallei werken nauw samen, en ook de verschillende leesclubs organiseren vaak een gemeenschappelijk evenement. Het logische gevolg is dat al deze leesclubs ook op deze blog een plaats krijgen. Veel leesplezier!

Dit bericht is geplaatst in Bibliotheken met de tags , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *