Friedl’ Lesage interviewt Connie Palmen (Gooik, 27 oktober 2012)

Op zaterdag 27 oktober kwamen, in het kader van het Sehnsucht-project, een tiental leeskringen uit de regio Zennevallei en Pajottenland samen in CC De Cam in Gooik om er naar Connie Palmen te luisteren.

Voor het eerste deel van de avond had de schrijfster speciaal voor de gelegenheid een bloemlezing van het verlangen in haar werk gemaakt. Ze voorzag de teksten die ze voorlas ook van commentaar. ‘Verlangen’ is volgens haar de beste vertaling voor Sehnsucht. In De Wetten primeerde haar verlangen naar het kennen van de waarheid en dat te kunnen combineren met het schrijverschap. In De Vriendschap stond voor haar het verlangen naar vriendschap centraal, naar de erkenning door iemand anders. In zekere zin kon je die vriendschap als oefening zien voor latere relaties. Geheel de uwe is volgens Connie Palmen dan weer meer een analyse van haar generatie, de na-oorlogse generatie, waarin men moèst gelukkig zijn. Over Logboek van een onbarmhartig jaar zegt ze tenslotte dat daar het verlangen naar een dode primeert, dat ze 48 dagen na de dood van haar echtgenoot Hans van Mierlo besefte dat ze al het één en ander begon te vergeten. En dus moest ze schrijven…Connie Palmen heeft niet alle teksten die ze voor de avond voorzien had kunnen voorlezen en becommentariëren. Daarvoor kwam ze tijd te kort. Ze was duidelijk op dreef.

En dan, na de pauze, kwamen de vragen van Friedl’ Lesage. We kennen Friedl’ Lesage van haar diepgaande vragen, tot voor kort in het zondagse Radio1 programma ‘Frield’, een leven in boeken’ en sinds september in ‘Touché’. Connie Palmen kennen de leesgroepleden vooral uit haar boeken, waarin ze zichzelf tot op het bot analyseert. Dat beloofde!
En Friedl’ ging inderdaad diep: ze vroeg door over haar alcoholisme, ze vroeg zelfs op een bepaald moment “hoe ver ze ging als ze met een vriendin in bed lag”. En Connie antwoordde eerlijk, maar luchtig. Dat ze het bij alcoholisme niet heeft over twee glaasjes wijn per avond waarmee verslaving volgens sommige damesbladen begint, dat ze het over meer heeft, over het verlangen van de alcoholist om dronken te worden, en dat de verslaafde vaak een nerveus karakter en een grote prikkelgevoeligheid heeft. Ze zei ook dat ze elke vrouw aanraadt om eens met een vrouw te experimenteren. Zo oefen je toch je minnares-capaciteiten?
Ik denk niet dat het publiek zat te wachten op meer details over haar alcoholisme en seksleven. Ik heb ook het vermoeden dat de verregaande vragen van Friedl’ Connie in de war brachten. Naarmate de avond vorderde, werd haar stem minder vast en werden haar woorden minder coherent. Ze had ondertussen wel al een glaasje wijn op en ze begon er moe uit te zien. Desondanks was Connie tot op het einde heel vriendelijk en open. Een toffe mevrouw. Ze bleef met haar antwoorden wel erg aan de oppervlakte. Wie haar boeken leest, komt meer te weten.
Aan de andere kant… Friedl’ had waarschijnlijk ook andere antwoorden verwacht op vragen als “Hoe is de sfeer onder schrijvers? Naar het schijnt zijn jullie bikkelhard voor elkaar.” Waarop Connie alleen maar antwoordde dat “er in het schrijversmilieu inderdaad enorm geroddeld wordt. Schrijvers kunnen elkaar genadeloos afmaken. Daar amuseren ze zich kostelijk mee. Zij dus ook. Op zich zijn schrijvers immers zo’n schijters! Zij en Kristien Hemmerechts? Ze vinden elkaar zo heerlijk zielig en schieten in de lach zodra ze elkaar zien.” Connie vertelde echter niets over de manier waarop zij soms genadeloos afgemaakt wordt en hoe zij daarmee omgaat.(1)

Als we al zoveel weten uit haar boeken, hebben wij dan nog nood aan een liveoptreden van Connie Palmen? Ja, zeker. Al was het maar om vast te stellen dat zij helemaal niet zo megalomaan is als sommigen menen. Al was het maar om een gezicht te plakken op de schrijfster en haar leefwereld. Al was het maar om te ondervinden hoe puur deze schrijfster is en hoe puur verdriet kan zijn. En uiteraard kom je altijd wel iets te weten…

Een greep:
* Van jongs af aan wilde Connie schrijver worden. Een schrijver deed haar toen al aan een soort kluizenaar denken. Dat kluizenaarschap trok haar aan, maar beangstigde haar tegelijkertijd. Daardoor duurde het ook langer vooraleer ze zich echt op het schrijven toelegde.
Ze wilde eigenlijk twee dingen in haar leven: eenzaamheid en een grote liefde.
* Ze hield al heel vroeg dagboeken bij. Maar die stellen eigenlijk niets voor. Wat er in staat is waardeloos. Wat er juist niet instaat, is interessant. Hetzelfde geldt voor de dagboeken van Hans (Van Mierlo). Ze kende hem goed genoeg om te weten wat hij weggelaten heeft. Maar ze houdt vooral van zijn dagboeken, omdat zij er zijn handschrift in ziet. Dat heerlijke handschrift. Een overblijfsel van zijn lichaam. Bovendien merkt ze op dat er veel gelogen wordt in dagboeken. Tussen het gebeurde en het geschrevene zit een tijdspanne, en het geheugen is nu eenmaal onbetrouwbaar.
*Ada uit De vriendschap heeft echt bestaan. Alleen speelde die vriendschap zich niet in de lagere school af, maar later. Die vriendschap stopte toen Connie de liefde leerde kennen. Ja, zij is één van die vrouwen die alles laten vallen zodra ze de liefde tegenkomen.
*Ze is helemaal nog niet in staat om aan een nieuwe roman te werken. Ze heeft geen zin in de discipline die daarvoor nodig is. Ze laat zich momenteel veel toe, is niet hard voor zichzelf.
* Ze heeft vriendinnen, hoewel ze niet echt van typische vrouwendingen houdt. Dat moeten ze dan maar zonder haar doen. Maar ze vindt vrouwen wel heel leuk. Vooral dat ze zo kunnen kletsen. Over niets. Dat vindt ze best gezellig. Dat vindt ze trouwens een talent.
* Connie Palmen wil geen kinderen; ze eist zelfbeschikkingsrecht over haar lichaam. Ze rookt als een ketter en is alcoholist. Roken is dodelijk, zegt ze, en drank is vernietigend. Ze laat het zichzelf toe veel te drinken.
*Ze verlangt niet naar een nieuwe liefde. Hans van Mierlo is haar grote liefde geweest en ze is blij dit gekend te hebben. Haar enige verlangen nu is misschien dat het verlangen naar schrijven terugkomt…

En dat laatste hopen velen met haar.

(1) Connie vermeldt niet dat zij zelf ook serieus door de media aangepakt wordt. Ooit werd ze bijvoorbeeld de Spice Girl van de letteren genoemd, en Maarten ’t Hart noemde haar in zijn dagboeken (reeks Privé-domein bij Arbeiderspers) een aapje dat op mensen klimt. Bij het verschijnen van Lucifer werd haar karaktermoord verweten. Connie voelde zicht toen zelfs genoodzaakt om een verdedigingsrede te schrijven. Ook na Logboek van een onbarmhartig jaar spaarden de critici haar niet. Gerrit Komrij heeft Connie toen op zijn facebook verdedigd en zich afgevraagd “of er iets mis is met de literatuur of met de journalistiek?”

Over Ann Vandamme

begeleidde al leesgroepen toen zij nog geen website had. Sinds 2007 plaatst zij alle leesgroepwerkbladen op het net. Ondertussen vist zij regelmatig werkbladen op uit haar papieren archief en zet die ook online. Vroeger werkte zij in een boekhandel, later in een uitgeverij en sinds 2014 is zij bibliothecaris van Pepingen, in het hart van het Pajottenland. De bibliotheken van de regio Pajottenland en Zennevallei werken nauw samen, en ook de verschillende leesclubs organiseren vaak een gemeenschappelijk evenement. Het logische gevolg is dat al deze leesclubs ook op deze blog een plaats krijgen. Veel leesplezier!
Dit bericht is geplaatst in Bibliotheken met de tags , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *