Arthur Japin: Maar buiten is het feest. Een roman (werkbladen leesgroep Pepingen feb 2016)

arthur japinBiografie:
Arthur Japin werd in 1956 in Haarlem geboren. Zijn gewelddadige vader schreef toneelrecensies, hoorspelen en detectives, maar maakte -ten gevolge van een psychiatrische stoornis- een eind aan zijn leven toen Japin twaalf jaar was. Japin voelde zich nogal eenzaam in zijn jeugd. Er kwamen thuis nauwelijks mensen over de vloer en op school werd hij gepest. Het feit dat hij als jongen balletlessen volgde maakte dat er natuurlijk niet beter op.

Op zijn 18de studeerde hij een jaar aan de School of Dramatic Arts in Londen. Terug in Nederland begon hij in Amsterdam Nederlandse Taal en Letterkunde. Die studies lagen hem niet zo goed. Hij probeerde vervolgens de Kleinkunstacademie en dat lukte beter. Hij haalde er zijn diploma in 1982. In de daaropvolgende jaren speelde hij onder meer bij toneelgroep Centrum, de Nederlandse Opera en in de film De illusionist van Freek de Jonge. Na een tijdje begon hij zich ook op de planken niet meer zo goed te voelen en verhuisde hij naar Rome, waar hij in 1987 begon te schrijven: toneelstukken, hoorspelen, scenario’s en korte verhalen.
Japin heeft nu duidelijk zijn weg gevonden. Hij schrijft nog steeds, zijn boeken worden goed verkocht, hij is een echte publiekslieveling. Hij is al lang terug in Nederland. Hij woont nu in Utrecht en in de zomer van 2012 stond hij voor het eerst sinds 26 jaar weer op de planken met een toneelstuk van Shakespeare.
Momenteel woont hij samen met Benjamin Moser en Lex Jansen (ex-uitgever De Arbeiderspers) in een herenhuis in Utrecht.

Bibliografie:

1996: Magonische verhalen
1998: De zwarte met het witte hart
2002: De droom van de leeuw
2004: Een schitterend gebrek
2007: De overgave
2010: Vaslav (Nijinski)
2012: Maar buiten is het feest
2013: De man van je leven
2015: De gevleugelde

Belangrijkste personages:

Weijntje, later Zonne (xSander)
zussen Laura en Isa
moeder
Sijmen
vader Solomon van der Son
Lotte
vriendinnen van de moeder: Berthe en Tessa
muzieklerares Verbeet

Enkele vragen:

1. Verklaar de titel. Waarom staat er achter de titel nadrukkelijke ‘roman’ vermeld?
2. Wie heeft al een ander boek van Japin gelezen? Bestaat er een typisch ‘Japin-personage’?
3. Waar en wanneer speelt dit verhaal zich af?
4. Het boek gaat over seksueel misbruik. Stootte je dit af om aan het boek te beginnen? Waarom?
5. Hoe zou je het uiterlijk van de personages beschrijven?
6. Hoe vind je de opbouw van het verhaal? (Weijnjte tov Zonne)
7. Is dit verhaal volgens jou geloofwaardig? Waarom wel/niet?
8. Hoe komt het volgens jou dat Japin zich zo goed kan inleven in Weijntje/Zonne?
9. Hoe komt het volgens jou dat Weijntje zich uiteindelijk uit de situatie kan redden?
10. Is het volgens jou toeval dat het beroep van de stiefvader Sijmen fotograaf is? Waarom?
11. Is er sprake van moederliefde?
12. Wat is in godsnaam een ‘elektrische vrouw’?

—————————————————————————————————————–
‘Zonder hoop is er niets aan’
DS 28 SEPTEMBER 2012 | Maria Vlaar

Arthur Japin snijdt in zijn nieuwe roman een gevoelig onderwerp aan: kindermisbruik. De bühne biedt de uitweg. De schrijver spreekt uit ervaring. ‘Mijn hele leven ben ik op zoek naar manieren om mijzelf kenbaar te maken.’

Voor zijn nieuwe roman Maar buiten is het feest koos de Nederlandse schrijver Arthur Japin een zeer gevoelig onderwerp: kindermisbruik. Twee meisjes worden seksueel misbruikt door hun stiefvader, die niet alleen de kinderen, maar alle mensen om hem heen met geweld, bedrog en chantage tegemoet treedt. Als de jongste dochter volwassen is, en in de gevierde zangeres en theaterdiva Zonne is veranderd, wil ze haar nichtje beschermen tegen de man aan wie zijzelf ontkomen is.
Huiselijk geweld is niet nieuw voor Japin: hij groeide zelf op in een gezin met een gewelddadige vader. Net als Zonne onttrok hij zich daaraan door juist volop te gloriëren op het toneel. Hij is toneelspeler, operazanger en televisiepresentator geweest en schreef succesvolle romans als De zwarte met het witte hart, Een schitterend gebrek en Vaslav. ‘Zelf lees ik het liefst Balzac en Zola’, verklaart hij zijn voorliefde voor het vertellen van realistische verhalen.

‘Maar buiten is het feest’ heeft nogal een heftig onderwerp…

‘Ik ken een aantal verhalen over kindermisbruik in mijn omgeving. Van mensen die er juist voor kozen om zich zichtbaar te maken, door aan het toneel te gaan. Ik heb me altijd afgevraagd: waar halen ze de kracht vandaan? Mijn boeken beginnen altijd met dit soort nieuwsgierigheid. Mensen hebben iets heftigs meegemaakt, en dan wil ik weten: hoe hebben ze dat overleefd?’

In dit boek komt de bedreiging uit het gezin zelf.

‘Ja, dat is anders dan bij mijn andere boeken. Maar wat overeenkomt is het gevoel dat je niet past waar je bent. Dat er verschil is tussen hoe je van binnen bent en hoe mensen je zien. Zo was dat ook met Kwasi, de zwarte prins met het witte hart, en met Lucia, die zich verborg achter haar sluier in Een schitterend gebrek. Ook in dit nieuwe boek gaat het om iemand die zich wil tonen, die laat zien wie ze van binnen is. Die op die manier het heft in handen neemt.’

Waarom is dat zo’n belangrijk thema voor u?

‘In mijn jeugd voelde ik me niet begrepen. Dat heeft te maken met het geweld dat mijn vader op mijn moeder botvierde, en dat ik ernstig gepest werd. Ik heb al jong een alternatieve werkelijkheid willen bedenken. Door mijn fantasie en creativiteit kon ik omgaan met de kloof tussen hoe ik van binnen ben, en hoe mensen mij zíen. Mijn hele leven ben ik op zoek naar manieren om mijzelf kenbaar te maken. Zingen, dansen, schilderen, tekenen. Sinds een jaar of vijftien lukt het met schrijven. En Zonne doet dat eigenlijk ook: door te zingen en op het podium te staan.’
‘Die worsteling is er nog altijd. Een groot deel van het jaar sluit ik me op en ben ik alleen maar aan het schrijven. Maar dan moet ik weer naar buiten treden. Ik heb onlangs weer op het toneel gestaan, als de booswicht Don John in Shakespeares komedie Much ado about nothing.’

En bent u dan de schrijver die een rol op het toneel speelt?

‘Nee! Ik wil helemaal acteur zijn. Maar er zitten natuurlijk mensen in de zaal die de schrijver willen zien spelen. En er zijn mensen, zeker in de literaire wereld, die zeggen: dat kan toch helemaal niet, een schrijver als acteur. Moet ik het daarom laten? Dat zou ik nog veel erger vinden. Ik wil gewoon alles doen wat ik leuk vind. Net als in het boek: Zonne laat zich uiteindelijk ook niet in de hoek duwen waar die stiefvader haar wil hebben. Zij neemt de stap naar voren. De spotlight in.’

U laat zien dat een ernstig misbruikt kind toch een succesvol leven kan hebben. Is dat een boodschap aan de maatschappij en aan mishandelde kinderen?

‘Ik doe de helft, met het schrijven van het boek, en de lezer doet de andere helft, door het te lezen. Natuurlijk zullen mensen die iets vergelijkbaars hebben meegemaakt zich in dit verhaal herkennen. Daarom was het voor mij belangrijk de gezinssituatie goed weer te geven. Vanuit de normaliteit van een gezin vinden steeds verschuivingen plaats, worden steeds gekkere dingen geaccepteerd. Het gevaar wordt dan “normaal”. Kindermisbruik gebeurt zo vaak, is zo algemeen, helaas… Als iemand iets aan mijn boek heeft, dan vind ik dat waardevol, ook voor mezelf.’

Toch is het ook weer, net als uw eerdere boeken, een historische roman.

‘Ja, het speelt in de jaren 70 en 80, of nog iets eerder. Hoe verder in het verleden het is, hoe makkelijker mensen het kunnen lezen. En dat heb ik zelf ook nodig, om de afstand te vergroten. Toen ik begon te schrijven speelde het zich nog in Italië af, in de bergen. Maar ik ben toch in de polder beland. Die afstand heb ik nodig, om zulke heftige zaken te kunnen beschrijven.’

De stiefvader werkt als kermisfotograaf. Is de kermis ook een manier om afstand te houden?

‘Voor mij was het een manier om het leefbaar te houden, om tegenwicht te bieden. En de kermis is iets waarnaar ik steeds weer terugkeer in mijn boeken, hoewel ik er in het echt helemaal niet van houd. Als kind heb ik wel de Elektrische Vrouw gezien, en de Dikke Dame, op de kermissen in de Betuwe. In mijn boeken komt altijd wel een clown voorbij.’

Fotografie is een wapen in uw boek: de stiefvader maakt naaktfoto’s van de meisjes, maar ook van zijn vrouw, familieleden, dorpsgenoten, in de meest vergaande poses.

‘Ik vind het zelf heel onprettig om gefotografeerd te worden. Er wordt je altijd iets afgenomen. Ik wil wel mezelf tonen, maar niet worden bekeken. Ik wil de regie houden, en dat heb je niet als je gefotografeerd wordt. Zonnes stiefvader gebruikt zijn vak, fotografie, om alles en iedereen te manipuleren. Kijken en bekijken. Hij is een jager; de anderen zijn de prooi.’

Hij is een door en door slechte man. Hij gebruikt geweld, hij gluurt, hij chanteert alles en iedereen. Heeft u nooit gedacht hem nog iets sympathieks te geven?

‘Dat ging niet. Ik laat wel zien dat hij zelf ook uit een volledig verrot gezin komt. De moeder heb ik wél begrijpelijk willen maken, in haar zwaktes. Maar de vader niet. Omdat ik helemaal het verhaal van Zonne heb willen schrijven. Ik zou het wel interessant vinden om te kijken hoe iemand tot zulke vergaande stappen komt, en die toch voor zichzelf kan verantwoorden. Maar dat zou een ander boek zijn.’

De moeder en de oudere zus, die zelfs zwanger wordt van haar stiefvader, kunnen geen solidariteit met Zonne opbrengen?

‘Doordat hij ze zo manipuleert. Dat ken ik zelf ook van vroeger: ten koste van alles proberen het geweld te voorkomen. Als je een ander gezinslid afvalt, kan dat óók zijn om de ander juist te beschermen. De oudere zus doet alsof ze van haar stiefvader houdt en hoopt dat hij dan van Zonne afblijft. En hij zet Zonne weer onder druk door te dreigen ook haar jongste zusje Isa te misbruiken.’

De seksueel voorlichtster op school kan ingrijpen, maar doet het toch niet. Faalt de hulpverlening?

‘Ja, en daar kan ik me boos om maken. Dan heb ik dus inderdaad tóch een maatschappelijke boodschap. Ik ben zelf vroeger ook niet geholpen op school, terwijl alle tekenen duidelijk waren. Ik klampte me vast aan het kippengaas, ze moesten mijn vingers losbreken om me de school in te sleuren. De zanglerares in het boek, een Bianca Castafiore-achtige, komische vrouw, grijpt ook niet in, hoewel ze denkt Zonne te beschermen door zichzelf aan de stiefvader aan te bieden.’

Aan het slot moet Zonne kiezen: moeder zijn voor haar nichtje, of minnares zijn. Kan het niet allebei?

‘Nee, zij breekt met de traditie dat misbruik vaak wordt doorgegeven aan de volgende generatie. Zij wil er helemaal zijn voor het kind, helemaal moeder zijn, ook voor het kind in haarzelf. Omdat Zonnes vriend er niet voor kiest vader te zijn, kan ze niet met hem de volgende fase van haar leven in.’

U wijst er nadrukkelijk op dat dit geen waargebeurd verhaal is. Zonne lijkt een soort kruising tussen Lady Gaga en Karin Bloemen. Veel lijkt op het verleden van Karin Bloemen: een stiefvader, de zusjes, een brand, de rechtszaak om de voogdij.

‘Karin is een vriendin, en ik ken haar verhaal, dat ook publiek bekend is. Toen ze een paar jaar geleden bij Paul de Leeuw haar dreadlocks af liet knippen, voor een goed doel, zag ik haar op televisie transformeren van een theaterdiva in een ontredderd klein meisje, bang om weer gekwetst te worden. Dat vond ik zo’n bijzonder moment. Daar werd het idee voor een roman geboren.’

Ook Zonne ontpopt zich tot een echte theaterdiva.

‘Zonne weet zich op een grandioze manier te handhaven. Haar stem is haar redding. Zij maakt van haar gehavende verleden juist haar kracht. Een boek kan pas ontstaan als ik in alle ellende de hoop ontdek. Zonder hoop vind ik er niets aan. Ik wil graag het mooie zien.’

Over Ann Vandamme

begeleidde al leesgroepen toen zij nog geen website had. Sinds 2007 plaatst zij alle leesgroepwerkbladen op het net. Ondertussen vist zij regelmatig werkbladen op uit haar papieren archief en zet die ook online.
Vroeger werkte zij in een boekhandel, later in een uitgeverij en sinds 2014 is zij bibliothecaris van Pepingen, in het hart van het Pajottenland. De bibliotheken van de regio Pajottenland en Zennevallei werken nauw samen, en ook de verschillende leesclubs organiseren vaak een gemeenschappelijk evenement. Het logische gevolg is dat al deze leesclubs ook op deze blog een plaats krijgen. Veel leesplezier!

Dit bericht is geplaatst in bibliotheek Pepingen met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *