Marilynne Robinson: Gilead (werkbladen leeskring Pepingen maart 2016)

gilead1. Biografie:
Marilynne Summers Robinson (°1943) groeide op in Idaho. Ze woonden in de bergen.
“Waar ik woonde, diende je talent te hebben voor eenzaamheid. Mensen die lange tijd alleen konden zijn, genoten meer achting dan zij die voortdurend hunkerden naar gezelschap. Ik kreeg geregeld te horen dat enkel de eenzamen een goed ontwikkelde geest hadden. In onze moderne maatschappij is het natuurlijk net omgekeerd. Eenzaten worden met enig wantrouwen bekeken en je moet juist de hele tijd heel sociaal doen.” (citaat genoteerd door Kathy Mathys in DSL 31 december 2015).
Ze studeerde af in de letteren aan de University of Washington.Ondertussen doceert ze zelf aan verschillende universiteiten, en belangrijke tijdschriften en kranten zoals Harper’s, Paris Review, the New York Times Book Review publiceerden artikels van haar.
Na Idaho ging ze naar Iowa, waar ze nog altijd woont. Ze is openlijk protestants, maar zeker niet dogmatisch, is gescheiden en woont alleen.
In 2013 kende president Barack Obama haar de National Humanities Medal toe ‘for het grace and intelligence in writing’

2. Bibliografie (van haar romans. Daarnaast schreef ze ook essays.)

1980: Housekeeping – Hemingway Foundation/PEN Award, prijs voor de beste debuutroman; genomineerd voor de Pulitzerprijs voor fictie. In 1987 werd het verfilmd onder dezelfde titel.
2004: Gilead – 2005 Pulitzer Prize for Fiction; National Book Critics Circle Award for Fiction; en volgens de New York Times ‘Book of the Year’.
2008: Home (tweede deel van de Gilead-trilogie)– 2009 Orange Prize for Fiction; finalist voor de National Book Award van 2008.
2014: Lila (derde deel van de Gilead-trilogie) Ontving de National Book Critics Circle Award.

3. Belangrijkste personages:

De bevriende predikanten John Ames en Robert Bougton
Lila, de vrouw van John Ames
De zoon van John Ames
De vader en de grootvader van John Ames
Jack en Glory, de kinderen van Robert Bougton

Hoe komt het dat we sommige namen niet kennen?

4. Enkele vragen:

a. Waarom schrijft John Ames een brief aan zijn zoon?

b. Hoe probeert hij te schrijven? Waarop let hij?

c. De inwoners van Gilead hebben liever een getrouwde prediker. Toch heeft John Ames veel aan zijn ‘eenzame tijd’ gehad. Waarom?

d. Zijn vriend Robert Bougton heeft het vaak over ‘preekstoelpraat’. Wat is dat volgens jou? Kun je je daarin vinden?
Beschrijf de twee vrienden. Ken je andere romans met gelijkaardige hoofdpersonages? Welke?

e. John Ames heeft het vaak over bepaalde waarden in het leven, zoals religieuze tolerantie (p.133), ouderliefde, geloof, genade, verlossing (p.139)… Blijvende waarden. Toch stelt hij zich er ook vragen bij. Hij bevraagt zichzelf voortdurend. Geef voorbeelden.

f. Het verhaal situeert zich in Gilead en er is nauwelijks een plot. Toch kan de lezer zijdelings enkele Amerikaanse historische perioden meemaken. Welke? Illustreer aan de hand van de grootvader, vader en zoon Ames.

g. Als er dan toch een plot in dit verhaal zit, welk?

h. Geloof speelt een belangrijke rol voor John Ames. Toch zijn er in zijn omgeving ook ongelovigen. Hoe kijkt hij daar tegenaan?

i. Ik citeer Kathy Mathys (in DSL 31/12/2015 onder de titel ‘Ook wie niet gelooft, denkt na over zingeving’):
Je leest Robinson voor haar diepzinnigheid, haar compassie, maar ook voor haar eigenzinnige manier van componeren. De meeste auteurs schrijven naar een climax toe op drie vierde van het verhaal. Dat doet ze niet. Ze draait cirkels om het verhaal heen, ze schrijft associatief en keert telkens terug naar dezelfde gebeurtenissen in het leven van haar spelers. “De klassieke roman gaat ervan uit dat het leven een aaneenschakeling is van gebeurtenissen en dat er sprake is van een kettingreactie. Zo zie ik het niet. Ik denk dat er zich ervaringen voordoen die we keer op keer herinterpreteren, naargelang van de situatie waarin we ons bevinden. We keren terug naar belangwekkend terrein. Weet je, het heeft allemaal te maken met mijn eindeloze fascinatie voor het menselijke bewustzijn. Ik wil de werking van het bewustzijn trouw blijven. De menselijke geest, daar draait het om in fictie.”
*Merk je dat op in ‘Gilead’? Hoe?
*Kan je je daarin vinden? Waarom?

j. Marilynne Robinson staat in Amerika naast grootheden als Toni Morrison of Philip Roth. Kan je haar succes verklaren?

k. Het boek is doorspekt met anekdotes. Wat voegen die toe aan het verhaal? Geef voorbeelden. Mijn voorbeeld is:
In veel opzichten was mijn moeder opmerkelijk zorgzaam, de arme vrouw. Ik was in zekere zin haar enig kind. Voor ik geboren werd had ze een nieuw boek gekocht over gezondheidszorg thuis. Het was dik en duur en het was nog minutieuzer dan de regels in Leviticus. Op gezag van dat boek probeerde ze ons ervan af te houden een uur na de maaltijd onze hersens te gebruiken, of ook maar iets te lezen als we koude voeten hadden. De gedachte was dat je moest voorkomen dat er tegengestelde eisen gesteld werden aan de bloedsomloop. Mijn grootvader zei eens tegen haar dat als je niet met koude voeten mocht lezen, er in de hele staat Maine geen geletterd mens te vinden was, maar ze was heel serieus over die dingen en hij ergerde haar alleen maar. Ze zei: “Niemand in Maine heeft veel te eten, dus dat houdt de zaak aardig in evenwicht.” Toen ik thuiskwam, schrobde ze me schoon en stopte me in bed en bracht me zes of zeven keer per dag eten en verbood me na elke maaltijd mijn hersens te gebruiken. Ik verveelde me behoorlijk. (p.19)

l. Wat vind je trouwens van de vertaling van Henk Schreuder?

m. Annick Vandorpe besluit haar recensie voor Cobra (tot vorig jaar de cultuurwebsite van Klara) met de woorden “een roman die je wil lezen en herlezen, eenvoudigweg omdat hij je helpt om een beter mens te worden”. Akkoord?

n. Amen.

5. Een recensie (van Kathy Mathys in DSL 23 dec 2005)

EEN ONMODIEUZE MARYLINNE ROBINSON
Memoires van een predikant
De prestigieuze Pulitzer Prize voor fictie ging in 2005 naar Gilead van Marilynne Robinsons. De auteur preekt in het echte leven. Ook haar roman speelt zich in een predikantenfamilie af. Als die setting geen probleem vormt, is Gilead een aanrader.

MARILYNNE Robinson is een buitenbeentje in het hedendaagse literatuurlandschap. Haar werk is zo intens, ernstig, bijna devoot, dat er geen ruimte is voor ironische kwinkslagen en adembenemende plotwendingen.

Niet dat Gilead een humorloos boek is, maar Robinson laat niet toe dat de schaarse komische toetsen afbreuk doen aan de ernst van het verhaal.

Robinson debuteerde in 1980 met de roman Housekeeping , een kleine klassieker over twee weeskinderen die worden grootgebracht door hun excentrieke tante Sylvie, een vagebond wier onorthodoxe opvoedingsmethodes niet aanslaan in het onooglijke dorpje Fingerbone.

Vervolgens schreef Robinson nog twee essaybundels, maar op een nieuwe roman was het maar liefst 23 jaar wachten. Het felbejubeldeGilead streek naast de Pulitzer-prijs ook de National Book Critics Circle Award op.

De verteller is John Ames, een predikant die in 1880 geboren werd en met zijn gezin in Gilead, Iowa, woont. Nu hij 76 is, voelt hij het einde naderen en besluit om zijn levensverhaal in briefvorm vast te leggen. Hij hoopt dat zijn zoontje van zeven de brief ooit zal lezen en zo zijn vader beter zal leren kennen.

Ames’ associatieve manier van schrijven slingert probleemloos heen en weer tussen onbeduidende anekdoten en religieuze vraagstukken. Praktische bekommernissen – ,,De lelies nabij de kerk moeten nodig worden uitgedund” – wisselt hij af met bijna essayistische intermezzo’s over de betekenis van het doopritueel of de tien geboden.

Ames vertelt ook de geschiedenis van zijn voorouders, die ook predikanten waren. Vooral zijn grootvader was een kleurrijke figuur: een pionier die op zijn zestiende visioenen van Christus kreeg en nadien op de barricades sprong in de strijd tegen de slavernij. Hij nam vol vuur de wapens ter hand en moedigde zijn kerkgangers aan het onrecht te bekampen.

Als kind was Ames begeesterd door deze bijna oudtestamentische figuur die zijn parochianen naar de kerk lokte met een pistoolschot bij gebrek aan een kerkklok. Maar Ames’ pacifistische vader was heel wat minder ingenomen met grootvaders levenswandel.

Ames trouwde met een dorpsmeisje, die stierf in het kraambed. Op hoge leeftijd ontmoette hij toch nog een vrouw, een zonderlinge zwerfster, die hem een zoon schonk.DE enige traditionele verhaallijn in het boek is die van Jack Boughton, de zoon van Ames’ beste vriend, een collega-predikant. Jack Boughton verliet Gilead jaren geleden, nadat hij een piepjong meisje zwanger had gemaakt en haar aan haar lot overliet.

Ames, die zelf jarenlang worstelde met de dood van zijn vrouw en kind, kon Jack Boughton zijn onverschillige gedrag niet vergeven. Nu zowel voor Ames als Boughton de dood nabij is, keert de verloren zoon Jack terug naar Gilead. Jack voert moeizame gesprekken met Ames over diens verleden, lotsbestemming en religie. Robinson toont op subtiele wijze hoe de ietwat bekrompen predikant zijn mening over Jack herziet.

Robinson maakt het zichzelf niet makkelijk met de keuze van haar personages. Wat is er nu zo fascinerend aan een degelijke kerel als Ames? Een rechtschapen, eerlijk man die enkel met zijn oordeel over Jack Boughton even leek te dwalen. Gilead zit vol moreel onberispelijke figuren en om daarmee aan te slag te gaan als schrijver, is aartsmoeilijk. Net als in haar debuut bewijst Robinson hoe goed ze de geest van een plek in woorden kan vatten.

Fingerbone (uit Housekeeping ) en Gilead zijn godvergeten plaatsen die af te rekenen hebben met barre weersomstandigheden en epidemieën. ,,Deze plaats straalt uit wat er van hoop wordt als ze wat vermoeid begint te worden,” schrijft Robinson.

Net zoals in Housekeeping vormt water een belangrijk motief in Gilead . In Robinsons roman uit 1980 leefden de weesmeisjes bij een meer waarin hun grootvader en hun moeder omkwamen. Toch heeft water bij Robinson vooral positieve bijbetekenissen. Het neemt levens, maar schenkt ook kracht, zoals tijdens het doopritueel.

Voor John Ames is er niets mooiers dan regendruppels waar het zonlicht doorvalt. Ames mag dan erg religieus zijn, hij is dol op het aardse leven en het doet hem pijn om er afscheid te moeten van nemen. Gilead zit vol uitgepuurde beschrijvingen van de aardse schoonheid. Robinson slaagt erin die te presenteren zonder ook maar één keer sentimenteel te klinken.

Toch een kritische noot bij deze geslaagde roman. Robinson is erg gelovig. Ze preekt geregeld in de plaats waar ze woont en in de essaybundel The Death of Adam: Essays on Modern Thought(1998) verdedigde ze vol vuur Johannes Calvijn en het Amerikaanse puritanisme. Af en toe glijdt Gilead te veel af naar het essayistische met uiteenzettingen over de bijbel die voor niet-gelovigen nogal hermetisch aandoen.

6. Een recensie (van Annick Vandorpe in Cobra 9 april 2015)

LILA – MARILYNNE ROBINSON
*****Marilynne Robinson keert terug naar het decor van haar bekroonde romans ‘Gilead’ en ‘Home’ en schrijft een wondermooi verhaal over de liefde tussen twee eenzame, gekwetste zielen.

In de voorbije decennia heeft Marilynne Robinson (˚1943) een briljante carrière opgebouwd als schrijfster én als academicus. De Amerikaanse, die geboren werd in de westelijke staat Idaho en nu in Iowa woont, heeft een waaier eretitels verzameld aan universiteiten wereldwijd en maakt deel uit van het docentenkorps van de prestigieuze Iowa Writer’s Workshop.
Toen ze in 1980 debuteerde, kwam ze meteen terecht in het prijzencircuit. Voor haar eerste roman ‘Housekeeping’ werd ze genomineerd voor de Pulitzer Prize for Fiction. Een kwarteeuw later won ze de prijs metterdaad met haar tweede roman ‘Gilead’ (2004), die ook de National Book Critics Circle Award in de wacht sleepte. Haar derde, ‘Home’ (2008), kreeg dan weer de Orange Prize for Fiction.
Besloten pastorale gemeenschap
Robinson is een overtuigd protestant en predikt soms in de Congregational United Church of Christ in Iowa City. In haar essays en fictie is geloof een terugkerende thematiek. Dat geldt ook voor haar laatste roman ‘Lila’. Robinson keert hier terug naar het decor en de personages die we kennen van ‘Gilead’ en ‘Home’. Deze verhalen speelden zich af in de jaren vijftig en cirkelden rond de bevriende predikanten John Ames en Robert Boughton die allebei leven in de besloten pastorale gemeenschap Gilead in Iowa. In de briefroman ‘Gilead’ richt Ames, die ver in de zeventig is, zich tot zijn jonge zoon en vertelt hij hem over zijn leven. ‘Home’ leest dan weer als een familiekroniek van de Boughtons, gezien door de ogen van dochter Glory.
‘Lila’ kan je beschouwen als een voorloper van ‘Gilead’ en ‘Home’. Robinson vertelt er het merkwaardige verhaal van de jonge vrouw van dominee John Ames.
Lila stapt het leven van Ames binnen als hij op een barre dag in de kerk van Gilead aan het preken is. Zij komt schuilen voor de regen, maar raakt onder de indruk van de woorden en de présence van de oude predikant. Hij merkt haar op en kan haar gezicht niet meer uit zijn hoofd zetten. Schuchter en onhandig leren de jonge vrouw en de oude man elkaar beter kennen, tot zij hem in een impulsieve bui voorstelt met haar te trouwen.
Gestolen kind
In essentie gaat deze vierde Robinson over twee eenzame, erg verschillende zielen die toenadering zoeken en elkaar vinden, al moeten ze daar elke dag een strijd voor leveren. De oude dominee heeft al een huwelijk achter de rug. Zijn eerste vrouw is jong overleden, samen met het kind dat ze net gekregen had. Ames wil Lila vertrouwen maar is bang dat ze hem op een dag voor een jongere man zal verlaten. Lila is in zekere zin ongrijpbaar en dat laat ze hem ook voelen. Ze heeft haar hele leven lang een zwervend bestaan geleid en hoewel ze nu geniet van het comfort van een warm en knus huis en van de liefdevolle aanwezigheid van de dominee, lonkt de vrijheid nog. Ze voelt zich daar schuldig over en zegt: “Volgens mij is er iets mis met me, ouwe man. Ik kan niet zoveel van je houden als ik van je hou. Ik kan me niet zo gelukkig voelen als ik ben.”
Elegant en vloeiend laat Robinson scènes uit het heden overlopen in flashbacks naar de kindertijd en jeugd van Lila. Lila werd als kind mishandeld tot ze ‘gestolen’ werd door een vrouw die de miserie van het meisje niet kon aanzien. Deze vrouw, Doll, sloeg met Lila op de vlucht en zorgde jarenlang als een moeder voor haar. Samen beleefden ze avonturen en altijd nam Doll het voor Lila op, tot ze zich op een goede dag heel erg in de nesten werkte en Lila het zelf moest leren beredderen.
Onweerstaanbare authenticiteit

De demonen van het verleden komen bij Lila nog vaak de kop opsteken. Uit schrik om zelf gekwetst te raken durft ze de dominee niet te vertrouwen, wat hem dan weer treurig stemt. Het is magnifiek hoe Robinson deze twee personages elkaar laat vinden ondanks – of net dankzij? – hun verschillen. De nauwelijks geletterde Lila heeft een onweerstaanbare authenticiteit. Ze bestookt de dominee met vragen over het geloof en het bestaan, waar hij zelf al te vaak geen antwoord op weet. Zijn behoedzaamheid om haar niet af te schrikken of verdriet te doen is aandoenlijk.
Robinson schept in deze vierde titel weer een rijke, wonderlijke wereld van gedachten, gevoelens en grote vragen tot leven. Lila is zo’n roman die je wil lezen en herlezen, eenvoudigweg omdat hij je helpt om een beter mens te worden.

Over Ann Vandamme

begeleidde al leesgroepen toen zij nog geen website had. Sinds 2007 plaatst zij alle leesgroepwerkbladen op het net. Ondertussen vist zij regelmatig werkbladen op uit haar papieren archief en zet die ook online.
Vroeger werkte zij in een boekhandel, later in een uitgeverij en sinds 2014 is zij bibliothecaris van Pepingen, in het hart van het Pajottenland. De bibliotheken van de regio Pajottenland en Zennevallei werken nauw samen, en ook de verschillende leesclubs organiseren vaak een gemeenschappelijk evenement. Het logische gevolg is dat al deze leesclubs ook op deze blog een plaats krijgen. Veel leesplezier!

Dit bericht is geplaatst in bibliotheek Pepingen met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *